Impingement is afknelling van weefsel. Met name in het schoudergewricht spreken we van impingement klachten. Als het schouderblad niet vrij langs de borstkas kan bewegen beperkt dat de bewegingsmogelijkheid van de arm in het schoudergewricht. De ruimte van het schoudergewricht wordt verkleind wat kan leiden tot impingementklachten.

Kenmerkend voor impingementklachten is het gebrek aan bewegingsmogelijkheden om de arm gestrekt voor je uit of zijwaarts op te tillen. De eerste 60 graden zijn pijnvrij. Daarna volgt er de “Painfull Arc”. Tussen 60 en 120 graden geeft het bewegen erg veel pijnklachten. Voorbij de 120 graden verdwijnen de pijnklachten.

Er zijn twee soorten impingementklachten:

  1. Primaire vorm. Het schouderblad heeft een a-typische vorm. Het botpunt van het schouderblad heeft een benige afwijking en zijn via scans duidelijk zichtbaar.
  2. Secundaire vorm. Er is geen afwijking van de botstructuur van het schouderblad, maar spieren rondom het schouderblad zijn de oorzaak. Het schouderblad vormt de kom van het schoudergewricht en maakt beweging van de arm mogelijk. Het schouderblad zelf kan vrij langs de borstkas bewegen mits de spieren dat voldoende toelaten.

Een secundaire vorm van impingementklachten zijn heel goed te genezen door de verhoogde spanning van de spieren rondom het schouderblad aan te pakken. Zodra de spanning terug gebracht wordt, kan het schouderblad weer vrij langs de borstkas bewegen en krijgt het schoudergewricht weer zijn oorspronkelijke beweegruimte terug.

Een sporttherapeut kan je heel goed helpen met het herstellen van de basisspanning en de schouder losmaken zodat de volledige beweegruimte terugkeert.